Marcel van Dam (PvdA)

Marcel van Dam was van 1973 tot 1986 politiek actief voor de PvdA. In 1971 maakte hij voor de VARA het televisieprogramma De Ombudsman en raakte daarin verwikkeld in een nationaal schandaal dat tot de dag van vandaag bekend staat als de “Exota-Affaire”.
Exota was een limonademerk dat uitgegeven werd door de distilleerder Van Tuijn. In verschillende uitzendingen van De Ombudsman werd aandacht geschonken aan het fenomeen van spontaan ontploffende limonadeflessen. In de uitzending van 8 januari 1971 liet van Dam op een dermate suggestieve wijze doen voorkomen alsof de Exota flessen spontaan konden ontploffen. In werkelijkheid werd er een kogel geschoten naar een sherryfles, welke tot uiteenspatting werd gebracht. Tegelijkertijd las van Dam citaten voor uit brieven van mensen die beweerden ervaringen te hebben gehad met ontploffende Exota flessen.
Het gevolg was dat in de dagen na de beruchte uitzending de verkoopcijfers voor Exota dramatisch kelderden. Een jaar later werd het faillissement aangevraagd voor Van Tuijn. Wat volgde was een slepend juridisch conflict. In 1971 werd de VARA door de rechter al verweten de “grenzen van zorgvuldigheid en betamelijkheid” te hebben overschreden. Ook werd de VARA gedwongen tot rectificatie. Van Dam mocht bovendien op geen enkele wijze meer Exota in verband brengen met exploderende limonadeflessen. Uiteindelijk werd pas in 1998 door de Hoge Raad bepaald dat de schadevergoeding die de VARA moest uitbetalen bijna 8 miljoen gulden, inclusief rente bedroeg. Van Dam was toen al bijna met pensioen.